Labogids

haemocultuur : klinische info

Sepsis

Bloed is steriel. Als micro-organismen in de bloedbaan komen, worden ze snel verspreid, hetzij vrij in plasma, hetzij gehecht aan of in de bloedcellen.

Dagelijks zijn kortdurend bacteriën aanwezig in het bloed, bijvoorbeeld uit de mondholte na tandenpoetsen of uit de darm na defecatie.

  • De bacteriëmie na tandenpoetsen of defecatie wordt transiënt genoemd, omdat de bacteriën na enkele minuten door het reticulo-endotheliale systeem zijn geklaard en het bloed weer vrij van bacteriën is.
  • Medische onderzoeken en ingrepen waardoor het slijmvlies wordt beschadigd, kunnen ook resulteren in een transiënte bacteriëmie.
  • Een derde oorzaak van de aanwezigheid van micro-organismen in de bloedbaan is een bestaande infectie in weefsels of organen.
Intravasale infecties worden onderscheiden in primaire en secundaire infecties. Primaire intravasale infecties ontstaan in de bloedbaan. Men spreekt van een secundaire infectie van de bloedbaan als de primaire infectiehaard buiten de bloedbaan is gelegen. Primaire intravasale infecties kunnen het gevolg zijn van een beschadiging van het capillaire bed in weefsel of van het endotheel van hart of bloedvaten.

De meest voorkomende oorzaken van sepsis zijn, in volgorde van afnemende incidentie: infecties van de luchtwegen, van het abdomen, de urinewegen, de huid- en/of weke delen, of van het cardiovasculair systeem.

In het aanvullend laboratoriumonderzoek worden vaak afwijkende waarden gevonden:

  • een leukocytose (of soms juist een leukopenie),
  • een verhoogd C-reactief proteïne (CRP),
  • een (milde) hyperglykemie,
  • een verhoogde transaminasewaarden.
De parameters die een indicatie geven van mogelijk orgaanfalen dienen ook te worden bepaald, zoals het trombocytengetal in bloed, stollingstijden, bilirubine en creatinine. Een verhoogd lactaatgehalte in bloed kan net als een verminderde capillary refill duiden op een verminderde weefselperfusie.

Isolatie en identificatie van de verwekkers van de sepsis is noodzakelijk om de diagnose zeker te stellen en om de gevoeligheid voor antibiotica te kunnen vaststellen. Bloedkweken worden altijd vóór de antimicrobiële behandeling afgenomen. Een bloedkweek kan al na 6–8 uur groei vertonen, maar het kan ook 24 tot 48 uur duren voordat de kweek positief wordt. Dit is afhankelijk van de bacteriesoort die de sepsis veroorzaakt en het aantal bacteriën in de bloedbaan (meestal slechts 1 tot 30/ml). Als een potentiële infectiehaard in beeld wordt gebracht, wordt ook materiaal daarvan zo mogelijk microbiologisch onderzocht.

Bron: 'Microbiologie en Infectieziekten' Hoepelman E.A., Bohn Stafleu van Loghum 4e herziene druk 2016