Labogids

Lood (Bloed) : klinische info

Lood en loodverbindingen zijn zeer verspreid in het milieu. Het is één van de zeldzame metalen waarvan men geen enkel nuttig gebruik kent in het menselijk lichaam.

Blootstelling – voorkomen: oude waterleidingen, loodhoudend kookgerei, stof van verfschilfers die vrijkomen bij renovatiewerken, industrie (batterijen, verf, munitie, autoradiatoren, keramiek, metaalsmelterijen…), benzine (sommige landen voegen nog lood toe aan de benzine), illegaal gedistilleerde alcohol, medicatie…

Lood wordt geabsorbeerd via de longen of het gastro-intestinaal stelsel en komt uiteindelijk terecht in de rode bloedcellen, de zachte weefsels en het skelet. De halfwaardetijd in bloed bedraagt ca. 30 dagen.

Toxiciteit bij acute blootstelling (> 80 µg/dL) uit zich als hevige buikpijn, constipatie, hoofdpijn, anorexie, gewricht- en spierpijnen, concentratieproblemen, perifere neuropathie, aantasting van het kortetermijngeheugen, nefropathie. Op de tanden kan een loodlijntje verschijnen en de rode bloedcellen vertonen basofiele stippeling.

Chronische blootstelling of acute blootstelling aan lagere dosissen kan asymptomatisch verlopen. Eventuele symptomen: myalgie, vermoeidheid, irriteerbaarheid, anorexie, concentratiestoornissen, nefropathie, infertiliteit…

Staalname: voorkeur voor bloed (EDTA). Lood in urine weerspiegelt de recente loodopname.